21 keer bekeken

Almaas het grote verraad

  • zaterdag 13 oktober 2018 @ 15:12
    #2
    reactie op (#1) kagib

    Het moment dat we onszelf in de steek laten is het grote verraad.
    Zoals de persoon in het verhaal - De zoon van de koning - gaan wij leven zoals de inboorlingen. Wij trekken hun kleren aan, kleren die gemaakt zijn van onechtheid. Die onechtheid is het omhulsel wat we voelen, het is het materiaal van het omhulsel. Wat echt aan ons is wordt aan de kant geschoven en ons hele leven voelen we dit omhulsel. En als we door het omhulsel heendringen, voelen we de leegte. 

    Deze hachelijke situatie is erg triest, maar zij is universeel. Het overkomt iedereen die zich met het zelfgevoel van het ego identificeert, met de gewone persoonlijkheid. Je bent jezelf als essentieel Wezen of je bent een ego-zelf, dat zich mettertijd ontwikkelt en dat een leeg omhulsel is. Wanneer wij oog in oog met dit omhulsel staan, zijn wij ten diepste geraakt. We vervallen in diepe smart, want wat het leven zinvol maakte, is er niet. 
    Je kunt dan het gevoel krijgen: "Ik wil hier totaal aanwezig zijn, niets minder is voldoende. Niets heeft betekenis, ook genot en essentiële ervaringen niet, als ik er niet ben." Maar wij willen dit niet onder ogen zien, want we willen de verlatenheid en vervreemding die wij als kinderen gevoeld hebben nu niet meer voelen.

    Wat hij hier beschrijft omvat ongeveer de hele mensheid. Dit wordt alleen niet snel zichtbaar omdat iedereen elkaar bekrachtigt in dat omhulsel in dat masker, in die muur, in de schijn, in het doen, doen, doen, in uiterlijk, buitenkant. Steeds naar buiten gericht om iets te proberen vinden wat daar niet te vinden is, wat alleen binnenin gevonden kan worden, daar ligt te wachten. 

    lieve zonnetjesgroet Kagib

  • vrijdag 12 oktober 2018 @ 17:38
    #1

    Het moment dat we onszelf in de steek laten is het grote verraad.
    Zoals de persoon in het verhaal - De zoon van de koning - gaan wij leven zoals de inboorlingen. Wij trekken hun kleren aan, kleren die gemaakt zijn van onechtheid. Die onechtheid is het omhulsel wat we voelen, het is het materiaal van het omhulsel. Wat echt aan ons is wordt aan de kant geschoven en ons hele leven voelen we dit omhulsel. En als we door het omhulsel heendringen, voelen we de leegte. 

    Deze hachelijke situatie is erg triest, maar zij is universeel. Het overkomt iedereen die zich met het zelfgevoel van het ego identificeert, met de gewone persoonlijkheid. Je bent jezelf als essentieel Wezen of je bent een ego-zelf, dat zich mettertijd ontwikkelt en dat een leeg omhulsel is. Wanneer wij oog in oog met dit omhulsel staan, zijn wij ten diepste geraakt. We vervallen in diepe smart, want wat het leven zinvol maakte, is er niet. 
    Je kunt dan het gevoel krijgen: "Ik wil hier totaal aanwezig zijn, niets minder is voldoende. Niets heeft betekenis, ook genot en essentiële ervaringen niet, als ik er niet ben." Maar wij willen dit niet onder ogen zien, want we willen de verlatenheid en vervreemding die wij als kinderen gevoeld hebben nu niet meer voelen.

    A.H. Almaas