10 keer bekeken

Almaas verloren onschuld

  • dinsdag 09 oktober 2018 @ 19:59
    #2
    reactie op (#1) kagib

    Jonge kinderen gaan geheel en al op in hun spel. Ze proberen niet om iets te zijn of om iets te bereiken. Ze kunnen gelukkig en tevreden zijn met het moment, of ze huilen ergens om, maar ze zijn volledig in het moment. Maar dan begint het kind stukje bij beetje dingen te doen om een reactie of aandacht van iemand anders te krijgen, om lief gevonden te worden, om goedkeuring te krijgen. Het kind begint onecht te worden en na een poosje is de onschuld verdwenen.

    In het begin lijkt het kind een betekenis te hebben. Dit is geen mentale betekenis of een waartoe het besloten heeft. De identiteit van het kind is nog niet afhankelijk van iets buiten hemzelf. Kinderen zijn in eerste instantie echt en eerlijk tegenover zichzelf. Ze kennen verbondenheid en eenheid, in plaats van disharmonie. Het kind is één entiteit die antwoordt, reageert en het gedraagt zich als één geheel, in plaats van dan weer als dit deel en dan weer als dat. Dat gebeurt pas later. Het kind is één wezen. Als het kind ouder wordt, gaat deze eenheidservaring verloren. 

    Mooi, ja stem er helemaal mee in. 
    En ja, dan is het een hele weg om die eenheid te hervinden. De meeste mensen beginnen hier niet eens aan waardoor ze gefrustreerde kindjes worden in een grotemensenlichaam.

    lieve warme groet Kagib

  • dinsdag 09 oktober 2018 @ 17:57
    #1

    Jonge kinderen gaan geheel en al op in hun spel. Ze proberen niet om iets te zijn of om iets te bereiken. Ze kunnen gelukkig en tevreden zijn met het moment, of ze huilen ergens om, maar ze zijn volledig in het moment. Maar dan begint het kind stukje bij beetje dinge te doen om een reactie of aandacht van iemand anders te krijgen, om lief gevonden te worden, om goedkeuring te krijgen. Het kind begint onecht te worden en na een poosje is de onschuld verdwenen.

    In het begin lijkt het kind een betekenis te hebben. Dit is geen mentale betekenis of een waartoe het besloten heeft. De identiteit van het kind is nog niet afhankelijk van iets buiten hemzelf. Kinderen zijn in eerste instantie echt en eerlijk tegenover zichzelf. Ze kennen verbondenheid en eenheid, in plaats van disharmonie. Het kind is één entiteit die antwoordt, reageert en het gedraagt zich als één geheel, in plaats van dan weer als dit deel en dan weer als dat. Dat gebeurt pas later. Het kind is één wezen. Als het kind ouder wordt, gaat deze eenheidservaring verloren. 

    A.H. Almaas